Joy Ladin – jaargang 15, Liter 66, juni 2012

 

Het luiden

Lees gedicht

Het luiden


Vreugdeschoten. Reuzenraderen. Flitslichten
die het verdriet omvatten, God omvatten,
jouw aarzeling omvatten


tussen klagen en leven. Handen
heffen je op, in de schittering
die je dacht te ontwijken


door verdoemd te zijn of dood. Je bent
verdoemd of dood. Dus?
Het gladde, licht gewelfde lichaam


dat jou door de wereld trok
is nog van jou, nog jou, is nog een leugen, waarheid,
een klepeltje dat wordt geluid


door een enorme klok. Geen idee hoe laat het is maar de klok laat je galmend het nieuws horen


dat nu geen nieuws is, dat je weet


dat je al wist
dat God, jouw God, hij die je opheft,
je niet zal laten gaan.

 

Joy Ladin, vertaling: Hilde Bosma

 

 

Vertaling: Hilde Bosma

 

 

Paradijselijke lach- en huilbui

Lees gedicht

Paradijselijke lach- en huilbui

 

Je bent aan het huilen, je bent opgetogen,
ingestort en uitgebarsten
in kinderlijke imitaties


van God, begraven en opgestaan in jou
als een hopeloze, hoopvolle passie,
een vallei van gezaaide en geoogste tranen,


ellende dansend op een heilloze hei, jaren
van achter jezelf aanhollen, achter de ellende aan
van een zelf, achter de ontlading aan,


vaak ironisch, van dat prachtige
maar kleine wonder van een zelf
dat de deur doorgaat


van een leven dat je niet maken of ontsnappen kunt:
God en de tijd en de dood,
dansend als meisjes op een podium


waar jij ook danst, verrukkelijk onbewust
van het onderscheid –
een conclusie, een volkomen natuurlijke conclusie


van een liefde die geen einde heeft.

 

Joy Ladin, vertaling: Menno van der Beek

 

Vertaling: Menno van der Beek

Submit to FacebookSubmit to Twitter