door Menno van der Beek, 11 februari 2014

 

Donner, de boekhandel, het goede, oude, Rotterdamse Donner, werd ooit gesticht door een ver familielid van de fietsende minister van justitie en, beter nog, van de luidruchtige schaker met het enorme lichaam en de ruige baard, aartsvriend van Mulisch: Jan Hein Donner, die eindigde in een rolstoel. Bij Donner kon men één van Nederlands beste boektitels vinden, het met één uit een verlamd lichaam stekende vinger getypte boek: Na mijn dood geschreven (1986). Dit levensverhaal, vol tegenvallers en leed, verliespartijen en schande, maar dat dan allemaal wel heel mooi opgeschreven, begint parallellen te vertonen met het verhaal van de gelijknamige boekhandel te R.  Want Donner de boekhandel is nu nu toch ook op sterven na dood.

 

 

De fusie met De Slegte vorig jaar leek een goed idee, maar voor ons Rotterdammers betekende het eigenlijk alleen dat de mooie kast Antiquariaat, hierboven te zien, waarin de gebruikte fine fleur van de Nederlandse literatuur voor de hoofdprijs stond – ik kocht er de genoemde Donner, bijvoorbeeld, wel voor vijftien gulden, kom daar nu ereis om – verdween. En vervangen werd door een rij vurenhouten rekjes, bijeengegraaid uit de sleetse boedel van De Slegte, waar eigenlijk weinig meer in stond. Een half plankje Engelse poëzie, bijvoorbeeld, niet eens meer op alfabet, treurig en slecht verlicht in de hoek, of een kastje geschiedenis, met vooral veel hagiografische boeken over de Oranjes. Weg grandeur en weg verrassingen.

 

Jarenlang kwam ik er elke week, trouw als een hardnekkig misganger, om er minimaal een uur te vertoeven, te dwalen en te bladeren: Engelse literatuur en vaderlandse poëzie in de kelder, bestsellers op de begane grond, schaakboeken op niveau 2 – een hele kast vol  , theologie op 3, klassieken en geschiedenis op 4, koffie op 5, CD’s op 6, bladmuziek op 7 en aanbiedingen en ramsj op 8. Heen en weer lopen, eindigen op 8 en dan met de lift naar BG om de oogst af te rekenen. Zuinig bewaar ik sommige bonnetjes van topdagen, als ik een hele lijst mee naar huis kon nemen, in ruil voor een Koninklijke som, dat dan weer wel. Maar die geur van dat bedrukte papier.

 

Gilbert Keith Chesterton had ooit een lange discussie in een krant, over de vraag ‘What’s wrong with the world?’. Men zou zich als boekenliefhebber en Rotterdammer bij de dreigende sluiting van Donner, door ongetwijfeld Amsterdamse reclamegenieën ondertussen omgedoopt tot Polare, hetzelfde kunnen afvragen. Maar door het steeds dunner wordende aanbod van Donner, in de verdediging gedrongen door Bol.com en nog verder verschraald door de omarming van groothandelstrategieën van hebzuchtige overnemers, waardoor de planken almaar leger werden (ik had uiteindelijk meer schaakboeken dan Donner), alsmede door de mislukte integratie van de Uitgeversrestantenverkoop van de overgenomen De Slegte – nooit meer iets te vinden, overal rommelige stapeltjes, geen geduld met de verkoop –  ben ook ik bijna vanzelf steeds meer bij Bol.com gaan kopen. Makkelijk, voordelig en lui.

 

En dus moet ik het zelfde antwoord geven als Chesterton: ‘What's wrong with the world? I am.’

Submit to FacebookSubmit to Twitter