door Len Borgdorff, 1 april 2016

 

Van Jaap zijn wij gewend dat hij het wijdse luchtruim in alle richtingen doorkruist om in verre oorden van deze planeet acte de présence te geven. Een boot neemt hij nooit, want ik jammer vind, met het oog op de uitdrukking waarbij zeven wereldzeeën worden bevaren. Dat vind ik wel leuk klinken.

Daar staat tegenover dat hij ook regelmatig de auto pakt voor een lange reis. Het kan niet anders of de enorme afstanden die hij heeft afgelegd moeten bijdragen aan een ruime geest en een brede blik.

Maar nu is alles anders. Nu staat Jaap voor de tweede achtereenvolgende dag gekromd over een stukje grond van amper een vierkante meter en hij hakt en hij hakt. Eerste verwijderde hij tegels en brak hij een oude schutting weg, maar dat lijkt al zover weg, nu hij daar bezig is met en spade stukken van het wortelstelsel van de teloorgegaan Japanse Kers te verwijderen. Het kan niet anders of hij is zijn verbetenheid en zijn irritatie over de langdurigheid en de zwaarte van deze klus voorbij. Hij is één geworden met zijn bewegingen. Er is geen wil meer, er is geen doel, hij is zijn eigen doen om niet geworden. En zo, zichzelf verliezend, is hij meer deel van de kosmos dan toen hij voortijlde door het zwerk of ruimte en tijd tartte op ’s Heeren wegen.

Jaap is, zichzelf niet zijnde, meer Jaap dan toen er in Kuala Lumpur of New York een man hem bij de luchthaven stond op te wachten om hem te begeleiden naar de grote vergaderzaal waar al een stoel voor hem klaarstond, achter het bordje met daarop zijn naam.

 

In de rubriek 'Buren' schrijft Len Borgdorff over (gesprekken met) zijn buren. Zie ook de website van de auteur: www.lenborgdorff.nl.

Submit to FacebookSubmit to Twitter