door Len Borgdorff, 6 februari 2015

 

De lucht is grijs, de wind hard en koud. Hij snijdt zich blazend een weg door de straat, tegen de door verkeersborden duidelijk aangegeven rijrichting in.
Vanmorgen liep ik met Liesje door de straat. Ook toen was het weer om je schoentje klaar te zetten en zelf weg te kruipen achter de kachel. Maar Sinterklaas is al lang naar Spanje terug, weet ook Liesje, een daarom zong ze extra hard van Sinterklaas Kapoentje. Op die manier moest de goede man het wel horen. Spanje, weet zij, ligt ver weg.
Ze droeg een nieuwe winterjas, van een fel oranje, dat licht leek te geven. Er dribbelde een glimworm door de grauwe straat, een Lampkapje, een Straalpeuter. Maar zij woont hier niet.
Jammer voor de straat. Zo’n gloeilampje zou de buurt er een stuk vrolijker op maken gemaakt. Dat was vanochtend. Liesje is al lang naar haar eigen straat.
Nu is het laat is in de middag. Van achter mijn bureau hoor ik kinderstemmen en als ik kijk, zie ik mijn buurmeisje, Merel, samen met Fleur van 26. Merel heeft net zo’n jas als Liesje, met datzelfde zalig smerige oranje. De meisjes spelen met een bal en de gure wind speelt waarachtig mee. De bal is roze. Als Merel hem uit de lucht plukt en tegen zich aan drukt, zie ik hoe heerlijk het in de straat kan vloeken op zondagmiddag.

 

In de rubriek 'Buren' schrijft Len Borgdorff over (gesprekken met) zijn buren. Zie ook de website van de auteur: www.lenborgdorff.nl.

Submit to FacebookSubmit to Twitter